Pas in de jaren '60 verzette Nederland zich openlijk tegen het apartheidsregime van Zuid Afrika. Kenmerk van dat groeiende verzet tegen dat verschrikkelijke regime was, zowel internationaal als nationaal, de oproep tot boycotacties. De eerste prominente Nederlandse consumentenboycot was onder andere het weren van de Zuid-Afrikaanse Outspan sinaasappelen. Pas na 1968 werden de boycotacties heviger door met name de inzet van de wereldwijde economische boycot, de culturele boycot en de uitsluiting van Zuid-Afrika aan de deelname voor de Olympische spelen.
Ondanks de mondiale eensgezindheid voor het boycotten van Zuid-Afrika op tal van terreinen, zijn er verschillende politici geweest, die twijfelen over de rechtvaardiging van de economische boycot tegenover de bevolking van Zuid Afrika. Enkele prominente politici - zoals Weisglas en Bolkestein - gaven aan dat deze boycotacties een zeer negatief effect hebben gehad voor zowel de economische groei als voor de werkgelegenheid van Zuid-Afrika. Daarnaast concludeerden beide politici, dat economische groei het beste smeermiddel was tegen sociale spanningen. Daar valt iets voor te zeggen, want in 1957 behoorde Zuid Afrika, samen met Ghana, tot de rijkste landen van het Afrikaanse continent. Sinds de mondiale boycotacties is Zuid-Afrika nu een ontwikkelingsland geworden, met een behoorlijke werkloosheidspercentage van 26%. In 2000 leefden 50% van de bevolking onder de armoedegrens. En dan heb ik het nog niet eens gehad over gigantische criminaliteitscijfers. Op basis van deze cijfers moet zeker de vraag worden gesteld of de economische boycotacties niet onnodig veel schade hebben veroorzaakt voor de leefomstandigheden in de breedste zin van het woord voor zowel blank als zwart? En was daarnaast een economische boycot niet een beetje teveel van het goede, vooral ook omdat het apartheidsregime voor een groot deel ten val werd gebracht door interne druk van zowel de blanke als de zwarte anti-apartheidsgroeperingen?
Er is momenteel veel te doen over de handelswijze van Israël. Het is buitengewoon waar dat Palestijnen onder moeilijke omstandigheden leven, met dankzij met name het Israëlische bewind. Een eensgezind protest richting de staat Israël is daarom ook meer dan terecht. Momenteel worden er talloze discussies gevoerd over het boycotten van Israël op economisch terrein. Onlangs heeft de EU aangekondigd, dat een boycotactie van Israëlische producten op de agenda staat. Een deja-vu met de herinneringen aan de gevolgen van de economische boycotacties richting Zuid-Afrika lijkt zich te gaan herhalen. Gelukkig zijn er politici zoals CU'er Joel Voordewind, die zich ernstig zorgen maken over het effect van deze economische boycot.
Voor het bepleiten van een economische boycot, moet er eerst goed nagedacht worden of deze maatregel geen averechtse werking heeft op de leefomstandigheden, de opbouw van het land en het ontwikkelen van democratische instellingen. Dit in het belang van zowel de Israëliërs als die van de Palestijnen. Met het oog op de ontwikkelingen van Zuid Afrika ten gevolge van de economische boycot, waag ik dit te betwijfelen.
zondag 9 juni 2013
Abonneren op:
Reacties (Atom)
