zaterdag 31 augustus 2013

woensdag 10 juli 2013

Eindelijk en toch...

Het cremeren en het bewaren van as in speciale canopic potten, oftewel urnen met inscripties, was onlosmakelijk verbonden met het klassieke Egypte uit de oudheid; (ca. 3000 v. Chr. - 332 v. Chr). In 1913 verscheen in het Nederlandse Westerveld de eerste crematorium.

Anno juli 2013 is de gemeenteraad van Twenterand akkoord gegaan met de plaatsing van drie urnenmuren op drie verschillende begraaflocaties. Met uitzondering van de SGP, who else? Dit besluit is natuurlijk hartstikke mooi. Maar gezien de geschiedenis en de populariteit (landelijk 52%) van het cremeren, hadden deze urnenmuren al veel en veel eerder in Twenterand geplaatst moeten worden?


zondag 9 juni 2013

Lessen trekken uit het inzetten van een economische boycot

Pas in de jaren '60 verzette Nederland zich openlijk tegen het apartheidsregime van Zuid Afrika. Kenmerk van dat groeiende verzet tegen dat verschrikkelijke regime was, zowel internationaal als nationaal, de oproep tot boycotacties. De eerste prominente Nederlandse consumentenboycot was onder andere het weren van de Zuid-Afrikaanse Outspan sinaasappelen. Pas na 1968 werden de boycotacties heviger door met name de inzet van de wereldwijde economische boycot, de culturele boycot en de uitsluiting van Zuid-Afrika aan de deelname voor de Olympische spelen.

Ondanks de mondiale eensgezindheid voor het boycotten van Zuid-Afrika op tal van terreinen, zijn er verschillende politici geweest, die twijfelen over de rechtvaardiging van de economische boycot tegenover de bevolking van Zuid Afrika. Enkele prominente politici - zoals Weisglas en Bolkestein - gaven aan dat deze boycotacties een zeer negatief effect hebben gehad voor zowel de economische groei als voor de werkgelegenheid van Zuid-Afrika. Daarnaast concludeerden beide politici, dat economische groei het beste smeermiddel was tegen sociale spanningen. Daar valt iets voor te zeggen, want in 1957 behoorde Zuid Afrika, samen met Ghana, tot de rijkste landen van het Afrikaanse continent. Sinds de mondiale boycotacties is Zuid-Afrika nu een ontwikkelingsland geworden, met een behoorlijke werkloosheidspercentage van 26%. In 2000 leefden 50% van de bevolking onder de armoedegrens. En dan heb ik het nog niet eens gehad over gigantische criminaliteitscijfers. Op basis van deze cijfers moet zeker de vraag worden gesteld of de economische boycotacties niet onnodig veel schade hebben veroorzaakt voor de leefomstandigheden in de breedste zin van het woord voor zowel blank als zwart? En was daarnaast een economische boycot niet een beetje teveel van het goede, vooral ook omdat het apartheidsregime voor een groot deel ten val werd gebracht door interne druk van zowel de blanke als de zwarte anti-apartheidsgroeperingen?

Er is momenteel veel te doen over de handelswijze van Israël. Het is buitengewoon waar dat Palestijnen onder moeilijke omstandigheden leven, met dankzij met name het Israëlische bewind. Een eensgezind protest richting de staat Israël is daarom ook meer dan terecht. Momenteel worden er talloze discussies gevoerd over het boycotten van Israël op economisch terrein. Onlangs heeft de EU aangekondigd, dat een boycotactie van Israëlische producten op de agenda staat. Een deja-vu met de herinneringen aan de gevolgen van de economische boycotacties richting Zuid-Afrika lijkt zich te gaan herhalen. Gelukkig zijn er politici zoals CU'er Joel Voordewind, die zich ernstig zorgen maken over het effect van deze economische boycot.

Voor het bepleiten van een economische boycot, moet er eerst goed nagedacht worden of deze maatregel geen averechtse werking heeft op de leefomstandigheden, de opbouw van het land en het ontwikkelen van democratische instellingen. Dit in het belang van zowel de Israëliërs als die van de Palestijnen. Met het oog op de ontwikkelingen van Zuid Afrika ten gevolge van de economische boycot, waag ik dit te betwijfelen.

dinsdag 30 april 2013

Een integriteitscontract lost niets op

"Wij zijn de grootste partij en dat betekent dat we onder een vergrootglas liggen", aldus premier Rutte tijdens het VVD-congres van het afgelopen weekend. Daar heeft hij natuurlijk volledig gelijk in, want hoge bomen vangen nu eenmaal veel wind. In dit geval worden niet alleen de successen, maar ook de affaires breed uit gemeten. Het is nu ook eenmaal de taak van de journalistiek om dit soort affaires onder de aandacht te brengen, de VVD moet  als grootste partij hier volwassen mee omgaan. Dat geldt natuurlijk ook voor alle partijen. 

Onlangs hebben wij te maken gehad met de affaire van Rey. Deze zelfbenoemde 'liberaal' is door de VVD afdeling Roermond naar voren geschoven als lijstduwer. Terecht dat er zowel binnen de partij als daar buiten veel ophef is ontstaan over deze benoeming door dit afdelingsbestuur. Jos van Rey draagt door zijn handel en wandel veel schuld en is daardoor ongeschikt voor een functie binnen de VVD. Dat geldt ook voor u, meneer Hooijmaijers en mevrouw Verver! Door deze affaire kwam gelijk de integriteitskwestie weer aan de orde. De eenmaal wakker geworden partijbestuur stelde voor om, na aanleiding van de affaire van Rey, een integriteitscommissie in te stellen. Het doel van deze commissie is om iedere VVD-bestuurder een integriteitscontract te laten ondertekenen. Volgens het partijbestuur zou hiermee het besef tot integer handelen vergroten. Een integriteitscontract is goed bedoeld, maar het lost helemaal niets op. Voor de bühne is dit contract slechts van symbolische aard en het roept ook een beeld op van; kijk ons nu eens goed bezig zijn. Deze amechtige houding en actie past niet bij de VVD. De VVD moet uitgaan van de kracht van een eed c.q. belofte, daarnaast ook uitgaan van het corrigerende vermogen van de omgeving waarin de politicus opereert en tenslotte moet het (hoofd)bestuur per direct een politicus met een 'geurtje' de laan uit sturen. 

donderdag 28 februari 2013

Een maand later

De comeback van de Jongerenraad was er één van een lange adem, maar dat heeft er wel voor gezorgd dat de presentatie op 4 februari uitmuntend verliep. Ieder lid heeft zichzelf en zijn plan op een onderbouwde manier gepresenteerd. Ook de vragen uit de zaal werden op een volwassen en af en toe met een knipoog beantwoord. Na de presentatie met daarbij de nodige media aandacht en de vele felicitaties, kon het echte karwei beginnen: de uitvoering van de plannen en de stem van de Jongerenraad laten horen. De knop moest weer om. Ondanks alle terechte vertrouwen, was het voor iedereen wel even afwachten, hoe het verder zou gaan met de Jongerenraad. Dat gevoel is natuurlijk niet zo vreemd, omdat de vorige Jongerenraden vlak na hun start uit het zicht waren verdwenen.

Wij zijn nu een maand later. De Jongerenraad heeft gelijk na de presentatie een vergadering gehouden om verder te werken aan de structuur en om de eerste acties van de plannen uit te voeren. Momenteel werkt ieder lid hard aan de uitvoering van zijn plan. Ook twitter wordt goed bijgehouden, enerzijds gaan de tweets over de Jongerenraad en anderzijds over de lokale gemeentepolitiek. Links en rechts worden de banden weer aangehaald met jongeren, die ook - direct of indirect - bemoeienis hebben met de politiek. Ook wordt er al gekeken naar een leuke meid. Kortom: de Jongerenraad is goed bezig. Als zij hun enthousiasme en hun inzet weten te behouden, dan gaat het helemaal goed komen. En daar heb ik zeker vertrouwen in. 

woensdag 30 januari 2013

Geen woorden, maar daden

Op papier lijkt de Nederlandse asielprocedure vrij helder. Eenmaal hier aangekomen meldt de asielzoeker zich bij de centrale ontvangstlocatie in het Groningse Ter Apel. Vanaf dat moment begint ook de asielprocedure. De immigratie- en naturalisatiedienst (IND) beslist of de asielzoeker in kwestie wel of geen recht heeft op een verblijfsvergunning. Als de asielzoeker niet in aanmerking komt voor een verblijfsvergunning, dan kan hij of zij naar de rechter stappen. De rechter beoordeelt vervolgens of het asielverzoek zorgvuldig behandelt is, of de beslissing voldoet aan de wet- of regelgeving en of de beslissing ook voldoet aan de internationale verdragen? Als de asielzoeker ook niet eens is met de uitspraak van de rechter, dan kan hij alsnog naar de Raad van State stappen. De Raad van State beoordeelt vervolgens het oordeel van zowel de asielzoeker als die van de IND. Als laatste mogelijkheid kan er eventueel protest aangetekend worden bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Na al deze stappen kan het uiteindelijke oordeel zijn: "u krijgt geen verblijfsvergunning, u moet terug naar uw eigen land". Vanaf dat moment bevindt hij of zij zich illegaal in het land. Zij worden dan opgevangen in verschillende centra's  om vervolgens uitgezet te kunnen worden. Zij zijn vervolgens verantwoordelijk voor hun terugkeer, daarbij kunnen zij wel op ondersteuning rekenen van de Internationale Organisatie voor Migratie. Daarnaast heeft het vorige kabinet Rutte besloten dat de uitgeprocedeerde asielzoekers recht hebben op een geldbedrag, zodat zij in hun eigen land weer een nieuw bestaan kunnen opbouwen. Vaak gaat het om duizenden euro's per gezin. Als het uur U eenmaal genaderd is, dan worden de uitgeprocedeerden het land uitgezet via speciale chartervluchten met hulp van de vreemdelingenpolitie en van de Koninklijke Marechaussee. Tot zover een schematisch overzicht van de Nederlandse asielprocedure. (Bron: http://www.vluchtelingenwerk.nl/asiel)

Helaas laat de praktijk een andere werkelijkheid zien. Al sinds jaar en dag kampt Nederland met een illegalenprobleem. Al in 1974 schreef Willem Drees (zowel junior als "Vadertje Drees") al diverse kritische essays over het illegalen- en immigratievraagstuk, dat vervolgens geplaatst werd in de DS'70 brochure: "Nederland mag geen immigratieland worden". Ook in die tijd was illegaliteit al een probleem. In 1975 besloot men om aan 15.000 illegalen een verblijfsvergunning te verstrekken. Na Drees waagde ook Hans Janmaat om zich uit te laten over dit onderwerp. Echter zonder succes aangezien dit een onderwerp was, wat in de media en in de politiek "niet over gepraat kon en mocht worden". VVD-leider Frits Bolkestein slaagde er wel in om op intellectuele wijze het illegalenvraagstuk op de agenda te krijgen. Na het Fortuyn-revolte kreeg ons land voor het eerst een minister voor vreemdelingenzaken. In het kabinet Balkenende II en III voerde minister Verdonk deze post met verve uit. Het Kabinet Balkenende IV kondigde in 2007 een Generaal Pardon af, dankzij een draai van het CDA, voor 27.000 uitgeprocedeerden. Tegelijkertijd beloofde deze regering plechtig dat iedere illegaal nu ook daadwerkelijk zou worden uitgezet. Achteraf gezien was dit een valse belofte, want ook dit Kabinet stuitte op veel onwil, onvermogen en onmacht uit zowel binnen- als buitenland om illegalen definitief het land uit te zetten. Zoals gezegd verdwijnen de meeste illegalen in ons land en zijn zij voor iedereen onmisbaar. Daarnaast wordt er veel gebruik gemaakt van de beroepsmogelijkheid, zodat zij hun verblijf kunnen rekken. Zij worden vaak bijgestaan door linkse activisten en door asieladvocaten. Het zijn juist deze mensen die de illegalen valse hoop bieden op een onbepaald verblijf in Nederland. Het is dan ook geheel logisch dat zij ook iedere strohalm willen grijpen door continu gebruik te maken van alle rechterlijke stappen die beschikbaar zijn. De realiteit laat daarom zien dat de meeste illegalen soms al drie jaar op een rij uitgeprocedeerd zijn. Daarnaast kan de Raad van State zomaar bepalen dat bijvoorbeeld een land zoals Ethiopië onveilig is geworden en dat daarmee het ook gelijk verboden is om de illegalen naar dat land van herkomst te sturen. Daarnaast is opvang aan illegalen tegenwoordig legaal, dit betekent dat illegalen een "veilig thuis" kunnen krijgen. Sinds enkele maanden worden bijvoorbeeld enkele illegalen opgevangen in een gekraakte kerk te Amsterdam. Verder kan het uitzetten ook belemmerd worden doordat het land van herkomst de illegaal in kwestie niet wil opvangen. Daarnaast zijn er ook lokale overheden die het illegalenprobleem weigeren op te lossen. In december van vorig jaar gaf wethouder van Poelgeest (GroenLinks) in een interview met het dagblad Parool op 12 december 2012 aan, dat de politie niet zal jagen op illegalen. Daarnaast zegt hij: "dat gaan wij niet doen en ik zou dat ook heel slecht vinden". Tot slot werkt ook de EU niet echt mee. Onlangs heeft EU-commissaris Cecilia Malmstrom onlangs verklaart dat illegalen niet vastgezet mogen worden. Volgens haar is vastzetten van illegalen in strijd met de Europese regels. (Bron: Elsevier Europese Unie, 21 september 2011)

Het gedoogbeleid op zowel lokaal niveau als op Europees niveau laat zien, dat het illegalenvraagstuk blijft bestaan. Uit recente cijfers is gebleken dat er momenteel tussen de 75.000 en 185.000 illegalen in Nederland verblijven. In de meeste gevallen krijgen zij te maken met mensonterende situaties zoals huisjesmelkerij, uitbuiting en mensenhandel. Ook hebben zij geen kans op de arbeidsmarkt en in het onderwijs, want dat is namelijk strafbaar. Daarnaast geven wij met ons gedoogbeleid een verkeerd signaal af naar mensen, die ons land wel vrijwillig hebben verlaten. Denk bijvoorbeeld aan de affaire Gumus: de Turkse  familie die illegaal in Nederland verbleef en - na veel politieke bemoeienis - ook uiteindelijk terugkeerde naar hun land van herkomst. Gezien het bovenstaande is illegaliteit op alle terreinen geen oplossing. Het VVD-kamerlid Azmani pleit daarom ook voor strengere maatregelen om alsnog de illegaal in kwestie te dwingen om terug te gaan naar hun eigen land. "Niet willen" is geen optie meer. Mocht het land van herkomst  protesteren, dan wil de VVD met een voorstel komen om het land financieel te straffen. Deze straf moet ervoor zorgen dat het land deze mensen gaat opnemen. De VVD wil nu eindelijk ervoor zorgen dat het illegalenvraagstuk wordt opgelost. Het wordt tijd voor concrete daden, in plaats van valse woorden. Dit in het belang van zowel de samenleving, als die van de illegalen voor wie geen toekomst in Nederland is weggelegd.

donderdag 13 december 2012

De PvdA is volwassen geworden

In het begin was het toch wel even wennen om te zien hoe snel de PvdA in de armen van de VVD vloog, maar eerlijk is eerlijk voorlopig maakt de PvdA een goede indruk. Het heeft wel even geduurd, voordat ik een beetje onder de indruk was van de PvdA. Zeker als je kijkt naar de type politieke, idealen die de PvdA in de jaren zeventig en tachtig omarmde. Voor het ontdekken van die politieke idealen, hoef je alleen maar naar de type vriendschapsverbanden met steden te kijken, die met name het Rotterdamse PvdA-stadsbestuur zorgvuldig uitkoos. Zo achtte dat Rotterdame stadsbestuur het zeer noodzakelijk om in 1976 een vriendschapsverband af te sluiten met Constanza, de Roemeense stad van president Ceausescu. In 1977 koos men weer zorgvuldig voor een nieuwe, vooruitstrevende stad; het Poolse Gdansk. Ook Sjanghai (Volksrepubliek China) werd toegevoegd, maar dan in het jaar 1979. Ook Havana (Cuba) werd niet vergeten, deze stad werd opgenomen in het jaar 1983. Echte kameraden laat je niet in de steek dachten zij waarschijnlijk en daarom werd ook Leningrad (Sovjetunie) naar voren gehaald om vervolgens af te sluiten met de stad Dresden (Oost-Duitsland). Deze liefdesverklaring voor Dresden werd gesloten in 1988, vlak voor de val van Erich Honecker en zijn DDR inclusief de Stasi. Wie dit rijtje zorgvuldig doorleest, raadt het al; vriendschapsverbanden met communistische regimes. Hoe de burgers deze communistische regimes ervaren hebben, behoeft zeker geen betoog. Laten we wel vaststellen dat de PvdA toentertijd werd geleid door dwaallichten.

Gelukkig heeft de PvdA deze dwaallichterij verlaten door hun idealistische veren van zich af te schudden. Dank je wel Kok, dat je deze ontwikkeling binnen de partij hebt gestimuleerd. Anno 2012 is de PvdA een volwassen partij geworden. De VVD en Nederland kunnen daar nu de vruchten van plukken.